‘Laten ze die zonnevelden maar in Amersfoort aanleggen. Het Nijkerkse landschap is daarvoor te mooi.’ Woorden van die strekking door raadslid Ries van Elteren (DLP) typeren de weerzin tegen de plaatsing van zonnepanelen op vele hectares boerenweiland in de gemeente Nijkerk. En zo denken meer partijen erover. Harry Bokkers van het CDA denkt dat er nog voldoende daken binnen de bebouwde kom van Nijkerk zijn te vinden om te bedekken met zonnepanelen, voordat het groene landschap wordt opgeofferd. En de VVD wil eerst onderzoek naar het bereiken van voldoende draagvlak.

Toch staat Nijkerk voor een flinke opgave. Voor naar verwachting 180 hectare zonnevelden en een zevental windmolens dient een plekje te worden gevonden binnen het Nijkerkse om te voldoen aan de duurzaamheidsopdracht. De uitwerking hiervan wacht in de loop van het komende jaar. Maar waar moeten die zonnepanelen of windmolens worden geplaatst? Land- en tuinbouworganisatie LTO ziet zonnevelden totaal niet zitten. ‘Totaal onaanvaardbaar’, aldus Aart Jan Vos. Daarvoor mag volgens hem geen waardevol landbouwgrond worden opgeofferd. De focus moet wat hem betreft komen te liggen op energiebesparing. En als er toch een keuze moet worden gemaakt, dan maar windmolens: dat neemt minder plek in beslag. Maar dat is weer tegen het zere been van Gerard van Dijk van de stichting Natuur- en Milieuzorg NW-Veluwe. Die gruwelt van windmolens die het landschap (wellicht van de Arkemheenpolder) in visueel opzicht kunnen verstoren. Zonnevelden zijn dan meer geaccepteerd, tot op zekere hoogte uiteraard.  Raadslid Wim van Veelen (PR021) denkt het ei van Columbus te hebben gevonden: Zonnevelden met dubbelgebruik van de grond, maar die zonnevelden moeten dan wel op ongeveer drie meter hoogte boven de grond worden geplaatst. LTO-woordvoerder Vos schiet dat plan al gelijk af. Daarmee verpietert de landbouwgrond die er onder zit.

Kees van den Heuvel