Elke week twee keer domineespost als flessenpost op deze site, op dinsdag en vrijdag: een feuilleton van de twee Veense dominees Judith Visser en Leendert van der Sluijs. Een vervolgverhaal dat met een briefwisseling begon… Vandaag schrijft ds. Judith Visser.

(29a) Tik tak tik tak… de klok tikt gestaag door, altijd in hetzelfde tempo, altijd in hetzelfde ritme. Gek eigenlijk, wij mensen denken dat de tijd sneller of langzamer gaat, maar dat is niet zo. De tijd gaat altijd door in hetzelfde tempo, al sinds het moment dat de tijd uitgevonden werd. Wij mensen zijn er maar druk mee. We slijten de tijd, de tijden veranderen, de tijd vliegt, de tijd kruipt, zeggen we dan, alsof het de tijd is die verandert, maar de tijd verandert niet, wij veranderen of in ieder geval ons gevoel van tijd. Ben je aan het wachten op een belangrijk bericht of een belangrijk bezoek, dan kruipt de tijd voorbij zeggen we dan. Maar ben je aan het lezen in je favoriete boek, dan vliegt de tijd ineens voorbij…

Er blaft een hond. Stilte… Het lachen van Thomas, Jon en Silje verstomd. En nog eens blaft de hond. Ole? Zou het werkelijk Ole kunnen zijn? Maar we zijn toch alweer 30 jaar verder? Silje kan het niet geloven. Zo oud zou Ole nooit kunnen worden. Of heeft dat te maken met die gekke uitvinding waar Petronilla het over had. Iets met een klok, iets met tikkende stokjes… Ze kijkt om zich heen, zoekt de omgeving af naar waar het geblaf vandaan zou kunnen komen. En dan ziet ze hem, of hem? Is hij het echt? Er komt een hele blije golden retriever op hen afgerend. Hij lijkt op Ole, maar… Vragend kijkt Silje naar Petronilla. Die geeft Silje een warme glimlach. Ole is het niet, legt Petronilla uit, dit is Ulf, de achterkleinzoon van Ole. Ooooo, maar dat is bijzonder! Met een zucht laat Silje zich op haar knieën vallen en spreidt haar armen uit naar Ulf, die de uitnodiging maar wat graag aanneemt en zich vol overgave in Siljes armen stort. Lachend valt Silje met Ulf in haar armen achterover. Ze slaat haar armen om de hond heen en duwt haar neus in de weelderige blonde haren van de hond. He wat ruikt dat vertrouwd, warme herinneringen aan haar Ole dringen zich aan haar op en ze trekt Ulf nog eens wat dichter tegen zich aan. Die vindt het echter wel genoeg en wurmt zich los om ook de andere aanwezigen te overladen met zijn blije aanwezigheid.

Welnu, zegt Ejlis Nojack, mag ik jullie dan nu uitnodigen met mij mee te gaan? Mijn Autolimo staat  hier verderop geparkeerd, dan kunnen we aan de slag gaan om Oslo, om de wereld te redden. Even kijken Jon en Silje elkaar aan, allebei met vraagtekens in hun ogen. Wat gebeurt er allemaal? De avonturen rollen over elkaar heen en ze rollen door elkaar heen, wat verwarrend allemaal. Maar ook, wat heerlijk om de bekende en vertrouwde gezichten te zien, hun houvast in deze gekke tijd. Langzaam en bijna onzichtbaar geeft Jon een knikje met zijn hoofd terwijl hij naar Silje kijkt. Zullen we? Silje houdt haar adem even in en geeft een klein knikje terug, met een grote glimlach. 

Met z’n allen verlaten ze het prachtige kantoor, het detectivebureau van Jon en Silje, ooit gestart om Thomas terug te vinden. Maar hij is gevonden, en hoe!? Nu gaan ze verder, een nieuw avontuur, iets met tijd, iets met een klok, en iets met een op hol geslagen wereld, een onverzadigbare wereld, die maar door en door en door gaat, omdat het nooit genoeg is, nooit genoeg zal zijn wat mensen proberen te vinden in deze wereld. Een wereld in de ban van het vooruitgangsdenken, we moeten door! Want elke volgende stap kan alleen maar een verbetering zijn en geen verslechtering. 

Ons gezelschap gaat op pad, onder leiding van  Ejlis Nojack. Het is een wonderlijk gezelschap; een monnik in een bruine habijt, een man en een vrouw in gewone kledij, maar met een adellijke uitstraling, een vrouwelijke ridder en de bontgekleurde  Ejlis Nojack. En om hen heen danst Ulf, de blije golden retriever. Dit gezelschap heeft een nieuwe queeste, dat is duidelijk te zien. Met vastberaden tred zijn ze op weg, in de tijd, op zoek naar De Klok, die het leven van mensen compleet overhoop heeft gegooid. Als ze de Autolimo van  Ejlis Nojack bereikt hebben stappen ze een voor een in, als laatste springt Ulf ook in de auto en ze gaan op weg.