Elke week twee keer domineespost als flessenpost op deze site, op dinsdag en vrijdag: een feuilleton van de twee Veense dominees Judith Visser en Leendert van der Sluijs. Een vervolgverhaal dat met een briefwisseling begon… Vandaag schrijft ds. Judith Visser.
(16a) Silje kijkt enigszins verbaasd naar de nar. Wat een zonderling figuur, denkt ze. En wat een zonderlinge naam; Hihahihaho. In haar verbazing staat ze hem net iets langer dan beleefd is aan te staren. Dan ineens raakt vrouwe Petronilla haar aan bij haar arm. ‘Kom, ga je mee? Onze nar is hier nog wel even en ik heb belangrijker zaken met je te bespreken. Heb je het boek nog bij je?’
Silje rolt van de ene verbazing in de andere… de zonderlinge nar, in dit bijzondere kasteel, vrouwe Petronilla… en het boek? Zonder een woord te zeggen laat ze het boek zien. ‘Goed, heel goed Silje, zorg dat je het niet kwijtraakt.’ zegt vrouwe Petronilla en gaat Silje voor, verder het kasteel in. ‘We zullen eerst even een kamer voor je zoeken waar je even op adem kunt komen en jezelf op kunt frissen. Je zult wel veel vragen hebben?’ Stil loopt Silje mee door de lange, met toortsen verlichte gangen.
Dan stoppen ze voor een prachtige eiken houten deur, de deur is versierd met het meest kunstige houtsnijwerk. Hier is echt een meester aan het werk geweest, dat kan niet anders. Silje probeert zich te concentreren op wat er afgebeeld staat. He?? Ziet ze dat nou goed?? Twee kinderen, een jonge en een meisje, een hond… tranen prikken achter haar ogen als ze aan Ole denkt. Waar is die malle hond nu toch weer gebleven? Hij waarschuwde haar, maar kwam niet mee door de deur. Lieve Ole, nu is ze hem alweer kwijt. Door haar tranen heen probeert ze weer naar de deur te kijken, maar Petronilla heeft de deur al geopend en gaat haar voor in het vertrek achter de deur. Het ziet er prachtig uit. En robuuste houten vloer met prachtige zware vloerkleden erop. Silje ziet ook een heel comfortabel bed staan, met een zee aan kussens en zacht ogende dekens. En in een andere hoek in de kamer staat, Silje moet er een beetje van giechelen, een prachtig bad op pootjes, dampend van het hete water waar het zojuist mee gevuld is. Silje moet er van giechelen, want het voelt toch wel heel gek om in je slaapkamer te gaan badderen! Petronilla ziet haar blik en loopt lachend naar het bad toe. Ze pakt iets wat er naast stond, het blijkt een kamerscherm te zijn, ook al zo prachtig gemaakt. Met een raamwerk van hout en bekleed met een prachtige zijden stof. Ze klapt hem uit en schuift het voor het bad. ‘Zo heb je een beetje privacy’ knipoogt ze naar Silje. ‘Kom, was jezelf, schone kleren liggen klaar. En als je opgefrist bent mag je naar de eetzaal komen, je vindt de weg wel. Enne… houd je boek ten allen tijde bij je hoor.’ Ze verlaat het vertrek en sluit de deur achter zich. Silje is nu helemaal alleen…
Ze voelt zich niet bepaald op haar gemak, maar Silje besluit dat ze best even in het warme bad kan stappen. Iemand heeft toch maar de moeite genomen om dit klaar te zetten voor haar, dan kun je niet zomaar het water koud laten worden. Ze legt het boek op een krukje vlakbij het bad, zodat ze het voortdurend in het zicht heeft, trekt snel haar kleren uit en stapt het warme water in. Toch durft ze zich maar moeilijk aan de weldadige warmte over te geven. Er is iets… iets nog niet te definiëren… iets… gauw klimt ze het bad weer uit en zoekt de kleding op die voor haar klaargelegd is. O ja, dat zal wel, wat is dit nu? Er ligt niet zomaar een schone broek en een schone trui voor haar klaar, nee dit is een… ja wat is het eigenlijk? Een jurk? Een japon? Een gewaad? Een enorm tafelkleed? Silje schiet er van in de lach. Het is een lange jurk, gebroken wit, met pofmouwtjes en een enorme rij knoopjes aan de voorkant. Niet bepaald een jurk die ze zelf uit zou hebben gekozen, helemaal niet zelfs! Maar vooruit, ze wil de gastvrijheid van het kasteel niet op de proef stellen en probeert zo goed en zo kwaad als het gaat de jurk aan te trekken. Als dat gelukt is, haalt ze eens diep adem, pakt het boek stevig vast en gaat door de deur naar buiten, op zoek naar de eetzaal.
















