De invulling van de zaterdagmiddag bij voetbalvereniging Veensche Boys was voor Peter Buitenhuis vaste prik. Hij nam liefst 25 jaar plaats op de bank als elftalleider van het eerste elftal. Met ingang van het seizoen 2019-2020 komt aan die ‘folklore’ een einde, want Peter hing na een kwart eeuw zijn werkzaamheden aan de wilgen. Met ingang van het komende seizoen wordt zijn gewaardeerde taak overgenomen door Edwin van der Molen. Waarom heeft hij gekozen voor deze stap? Peter Buitenhuis: ‘Het speelde al een tijdje, maar ik vond het gewoon mooi om de 25 jaar vol te maken. Dat is een mooi getal.

Is het gemakkelijk om die verantwoordelijkheid over te dragen?

Peter Buitenhuis: Nee, want je bent erin vastgeroest. Als je al 25 jaar op de bank zit en alle taken erom heen rond het elftal verricht, dan is het een hele stap. Maar mijn jongens worden wat ouder. Ik wil wat meer bij hun wedstrijden gaan kijken. Daarom kan ik die verplichting ook wat meer loslaten. Het is echter niet eenvoudig.  

Hoe is de overdracht geregeld?

Peter Buitenhuis: Mijn takenpakket is de coördinatie van alles wat rond een elftal moet gebeuren. Vroeger had ik meer te doen, omdat we toen bijvoorbeeld geen assistent-trainer hadden en de bus wordt tegenwoordig via Gert geregeld. Het besluit om te stoppen is dus eigenlijk wat gemakkelijker geworden, omdat veel taken al zijn overgedragen. Maar gevoelsmatig is nog altijd lastig. Ik heb Edwin gezegd dat hij met Gert moet gaan praten over de bus en de kleding. Wat het doel van Edwin vooral zal zijn is het verlengstuk zijn tussen de spelersgroep en de trainer. Speelt er wat in de groep, kom bij de elftalleider en die bespreekt het met de staf. Ik denk dat er samen met Stefan een mooie staf staat. Het is dus een goed moment om het los te laten. Ik heb er alle vertrouwen in.

Ik kan mij geen zaterdag voorstellen zonder Peter Buitenhuis langs de lijn.

Peter Buitenhuis: Dat gebeurt ook niet. Julian speelt bij het eerste. Dat betekent dat ik sowieso bij alle thuiswedstrijden ben. Als de logistiek het toelaat zal ik ook echt wel met de uitwedstrijden van het eerste meegaan. Maar dat ben ik aanwezig als bestuurslid en zit ik niet meer op de bank. Maar de affiniteit is nog altijd aanwezig. Ik heb alleen geen verplichting meer om dingen te moeten regelen. Je moet het overigens ook echt gaan loslaten, want af en toe komen er nog best jongens naar je toe.

Wat was jouw meest memorabele periode?

Peter Buitenhuis: De tijd met Harry Hamstra natuurlijk. Ik heb negen van de vijfentwintig jaar doorgebracht met Harry. Harry heeft eens een boekje geschreven. Dat heette ‘Een vriend’. Dat boekje heb ik nog steeds en dat zegt wel wat. Je bouwt vanuit het niets een relatie op. Vanaf minuut één tot de laatste minuut hebben we een fantastische tijd gehad. Hij borduurde veel voort op de teamgeest en spirit. Met een teamprestatie kon je in die periode echt goede prestaties neerzetten. Dat is ook gebeurd. Van de negen jaar hebben we vijf jaar in de eerste klasse rondgehuppeld. Zowel qua vriend als collega was het top. Wat ik echt een hoogtepunt vond was de periodetitel bij SDC Putten uit. Volgens mij was Pierre Stevenaart trainer bij Putten in die periode. Wat ik ook een hoogtepunt vond was het kampioenschap met Eddy en Arie bij VVOP in Voorthuizen. Toen werd het 0-3 en voordat de rookwolken waren opgetrokken lag de eerste goal er al in. Dat was heel bijzonder omdat je er drie wedstrijden van tevoren geen rekening mee had gehouden.  

Je gaat je nu focussen op jouw taak als bestuurslid.

Peter Buitenhuis: In mijn werkrelatie ben ik al met cijfers bezig en dan zit je er eigenlijk niet op te wachten om ook bij Veensche Boys als penningmeester aan de slag te gaan, maar ik zag dat Jan Landman er klaar mee was. Ik heb gezegd: Ik ga het doen en ik kijk wel hoe ver het loopt. Ook daarvan is afgesproken: het veld gaat voor het bestuur. Als er iets van me verwacht wordt en ik ben er niet, dan moet je dat loslaten. En dat is prima gegaan, alhoewel de nieuwbouw wel erg veel energie en tijd heeft gekost. We gaan het project, als ik het nu goed inschat, positief afronden. We gaan nu verder bouwen, zoals een andere invulling van de sponsorcommissie, waarbij ik een verlengstuk wil zijn tussen de sponsors en het zaterdagmiddag gebeuren. Misschien kunnen we netwerken gaan opzetten en zaken meer professionaliseren.

Misschien mag Veensche Boys wel blij zijn dat het Tweede Klasse voetbalt, want in het hedendaagse voetbal draait het steeds meer om geld. Soms zijn de investeringen zijn niet meer verantwoord.

Peter Buitenhuis: Dat is een dingetje dat speelt in het bestuur. Wat wil je nou? Je kunt van alles willen, maar het moet ook mogelijk zijn. Toen ik elftalleider werd, begon net de businessclub en toen is het een beetje gaan lopen. We zijn mensen van buitenaf gaan halen. Dat heeft successen opgeleverd, maar we hebben nooit rare seizoenen meegemaakt dat we met spelers de verkeerde kant op gingen. Je merkt aan het afgelopen seizoen dat het een homogene groep is. De jongens willen voor elkaar door het vuur en los van het feit dat het afgelopen seizoen niet goed was, hebben we wel een leuke groep.

Interview en foto’s Kees van den Heuvel