Bron: Nijkerk Nu. Interview: Yvonne Krol. Foto: Harry Koelewijn
Museum Demis Roussos is niet meer. Althans, niet in Nijkerk. Cyril Roussos (zoon van) zet het museum voort in Athene, Griekenland. De leeggekomen ruimte op de benedenverdieping wordt ingericht met muziekinstrumenten en memorabilia van grote Nederlandse artiesten. Die expositie is te zien tot 28 september 2019. Daarna valt het doek. Ook voor museum 192TV op de eerste verdieping.

Bert van Breda (Nijkerk, 1956) komt de trap afgesneld. Hij is de initiatiefnemer van het museum. “Ik ben al half met pensioen, maar het is momenteel hartstikke druk”, zegt hij. De tentoongestelde attributen zijn naar Griekenland getransporteerd en de objecten voor de nieuwe expositie ‘The golden years of Dutch pop music’ (de gouden jaren van Nederlandse popmuziek) staan al opgesteld. 

De nieuwe tentoonstelling is gewijd aan de Nederlandse muziek uit de jaren zestig en zeventig. Er is straks een gitaar van George Kooymans te zien, oprichter van Golden Earring. Van deze rockgroep is ook een drumstel te bewonderen. The Cats, Earth & Fire, Peter Koelewijn, Rob de Nijs en Boudewijn de Groot krijgen eveneens een plaats in de expositie. “We hebben artikelen van het RockArt museum in Hoek van Holland in bruikleen gekregen. Sinds 21 september kunnen bezoekers de nieuwe tentoonstelling bekijken. We hebben geen opening gehouden.”

Het Demis Roussos museum heeft in haar tweejarig bestaan circa 10.000 bezoekers getrokken. Voor een opstartend museum is dat redelijk, zeker gezien de beperkte openingstijden. Maar het was niet rendabel. Bert: “Ik kan wel subsidie aanvragen, maar daar heb ik geen zin in. Bij de gemeente Nijkerk kan niet veel. Dat vind ik jammer.” Bert doelt o.a. op de weigering van de gemeente om een beheerdersappartement in het pand toe te staan. Daardoor moeten hij of zijn broer Arend nu iedere vrijdag en zaterdag aanwezig zijn om toezicht te houden op de onvervangbare attributen. Als het druk is, springen familieleden bij. “Het is nooit de bedoeling geweest om dit museum voor de eeuwigheid op te zetten. Het was een eerbetoon aan mijn grote vriend Demis. Ik ontmoette hem in 1977 en was direct onder de indruk van zijn persoonlijkheid. Ik was al fan vanaf de eerste single ‘Rain and Tears’. Van 1977 tot 1982 was ik voorzitter van de Demis Roussos fanclub.

“Demis liep in 1985 uit zijn contract bij Phonogram. In 1986 wilde hij bij mij onder contract komen. Mijn platenlabel BR Music bestond toen nog maar drie jaar, dus dat was een grote blijk van vertrouwen in mij. Samen hebben we elf albums gemaakt. Ik heb echt veel geluk gehad dat zo’n wereldberoemde zanger met mij wilde samenwerken. Hij wist dat ik hem nooit zou belazeren. Op zijn begrafenis in 2015 vroegen zijn kinderen Cyril en Emily mij of ik de nalatenschap van hun vader wilde beheren. Ik heb nagedacht over hoe ik daar vorm aan kon geven.

”Ik heb een pop-up museum overwogen, vergelijkbaar met de expositie over David Bowie in het Groninger museum. Ik wilde een interactief museum met een bar, muziek en een plek waar je een broodje kon eten. Het leek mij ook leuk om een hologram van Demis de museumbezoekers te laten begroeten. Maar dat kost handenvol geld. Ik heb er sowieso veel geld in gestopt. Mijn jeugdvriend Harry Hamstra heeft mij nog geholpen met het vertalen van Engelse teksten. In het tweejarig bestaan van het museum hebben fans over de hele wereld herinneringen kunnen ophalen. Ik weet zeker dat als Demis naar beneden kijkt, hij zal glimlachen en zeggen: ‘dat heb je goed gedaan Bert’.”

Van Breda is uitgever en producent van cd’s en dvd’s met muziek uit de jaren zestig en zeventig. Dat waren roerige jaren. Het was de tijd van de Parijse studentenrevolte, de hippies, de flowerpowerbeweging en in Nederland de provo’s. Jongeren accepteerden niet langer de autoriteit van de ‘oude maatschappij’ en de traditionele moraliteit. “Het was echt een grote ommekeer, maar dat besefte ik toen niet. In die tijd was Nijkerk een hele kleine en gesloten gemeenschap. Ik was er een uit een gezin met acht kinderen. We hadden geen cent te makken, maar toch hadden we een televisie. Hoe mijn ouders dat voor elkaar hebben gekregen, weet ik niet. We woonden in de wijk Schulpkamp en de hele buurt kwam bij ons televisie kijken.

”We zagen beelden van de Vietnam oorlog en luisterden naar de protestliederen van Bob Dylan, Jim Morrison en Boudewijn de Groot. Maar voor mij waren het gewoon liedjes. De betekenis ontging mij. Ik ben altijd apolitiek geweest en heb niet de illusie dat ik invloed kan uitoefenen op de wereld. Het wordt van hogerhand beslist, zowel qua geloof als qua politiek. Ik vind wel dat mensen verantwoordelijk zijn voor hun eigen daden.”

Bert wil geen grote projecten meer aanpakken. “Er zijn plekken in deze wereld die ik nog moet zien. Ik ga voorlopig wel door met mijn 192TV station en beheer nog de rechten van verschillende liedjes.”

Op 16 november presenteert Universal Music Group de nieuwste cd van Peter Koelewijn in het museum. Na de sluitingsdatum van 28 september 2019 wordt het pand als kantoorruimte verhuurd.

Het 192TVmuseum is gevestigd aan de Oude Barneveldseweg, 65B. Openingstijden zijn iedere vrijdag en zaterdag van 11.00 tot 17.00 uur. Entree 8,50 euro.