Een oud-medewerker van het failliete Best Bakery uit Nijkerk heeft een juridische overwinning behaald. De rechtbank heeft bepaald dat Bakker Schuld uit Oldebroek hem ruim 16.000 euro aan achterstallig loon en opgebouwde vergoedingen moet betalen. Volgens de rechter is er sprake van een overgang van onderneming. Voor de oud-medewerker uit Nijkerk was het een bijzondere zaak. Na het faillissement van Best Bakery in april leek ook de zekerheid over zijn werk en inkomen verdwenen. Een deel van de productie verhuisde naar Bakker Schuld in Oldebroek. Volgens de werknemer betekende dat dat ook zijn rechten als werknemer moesten worden overgenomen. De bakker uit Oldebroek dacht daar anders over en weigerde de achterstallige betalingen voor zijn rekening te nemen.
De voormalige teamleider van Best Bakery was verantwoordelijk voor de productie van uiteenlopende bakkerijproducten. Toen een deel van de productie bij Bakker Schuld terechtkwam, ontstond de vraag of daarmee ook sprake was van een overgang van onderneming. Dat onderscheid is juridisch belangrijk. Bij een overgang van onderneming gaan de rechten en verplichtingen van betrokken werknemers in principe over naar de nieuwe werkgever. Bakker Schuld stelde dat er geen sprake was van een bedrijfsovername. Volgens de bakker werd alleen de eigen productie teruggehaald die eerder was uitbesteed. De merknaam, administratie, klantenkring en belangrijke machines zouden niet zijn overgenomen. Tijdens de rechtszitting in oktober werd het verweer namens Bakker Schuld toegelicht door een hr-medewerker. De bakker zelf was niet aanwezig. De rechter stelde verschillende vragen over de productie, de overgenomen bedrijfsmiddelen en het personeel. De antwoorden waren echter weinig overtuigend. Op meerdere vragen moest de hr-medewerker erkennen dat zij het niet wist of daar geen duidelijk antwoord op kon geven. Dat kwam Bakker Schuld duur te staan. De rechtbank vond dat het verweer onvoldoende was onderbouwd. Het gebrek aan informatie en bewijs kwam volgens de rechter voor rekening en risico van de bakker.
Ook UWV-rapport niet doorslaggevend
Bakker Schuld probeerde de conclusie van de rechtbank nog aan te vechten door te wijzen op een volgens hem onjuist rapport van het UWV. De bakker stelde dat het UWV hem niet had gehoord en dat om een nieuwe beoordeling was gevraagd. De rechter zag daarin echter geen reden om het rapport buiten beschouwing te laten. Bovendien baseerde de rechtbank haar oordeel niet uitsluitend op het UWV-rapport. Ook zonder dat rapport was volgens de rechter voldoende duidelijk dat sprake was van een overname. Daarbij speelden onder meer de verhuisde productie, de overgedragen bedrijfsmiddelen en het personeel dat was overgestapt een rol. De uitspraak betekent dat de oud-medewerker uit Nijkerk zijn achterstallige betalingen alsnog krijgt. Bakker Schuld moet in totaal 16.298,23 euro betalen. Het bedrag bestaat uit salaris, vakantiegeld, niet-opgenomen vakantie-uren en Tijd voor Tijd-uren. Daarbovenop komen de proceskosten van 1.429,02 euro. Bron De Stentor

















