Tweede paasdag. Voor de één een extra vrije dag, voor de ander een reden om nog even bij familie langs te gaan. Voor mij is het al vijftien jaar een moment van terugkijken. Want op Tweede Paasdag 2011 begon iets waarvan ik toen nog totaal niet kon overzien wat het zou worden. Sterker nog: het begon met een beslissing die ik nam met iets te veel bier op.

Op een feestje sprak Henk van Dunschoten me aan. Of het runnen van Nijkerkerveen.org niet iets voor mij was. De toenmalige eigenaar, Evert Livestro, zocht een opvolger. Als die er niet kwam, zou de site verdwijnen. Mijn eerste reactie? Nee. Geen tijd, geen idee, en eerlijk gezegd ook geen ambitie om me in de lokale journalistiek te storten. Maar later op de avond kwam die vraag nog een keer. En met een paar glazen op kijk je toch net even anders naar de wereld. Dus zei ik ja. Achteraf gezien misschien wel de beste beslissing die ik ooit half impulsief heb genomen. Wat begon als een hobby, groeide langzaam maar zeker uit tot iets dat verweven raakte met mijn dagelijks leven. Ongeveer dertig uur per week, naast een baan van veertig uur. Lange dagen, korte nachten en altijd ‘aan’ staan. Maar ook: verhalen mogen vertellen, momenten vastleggen en midden in de samenleving staan. En dat is iets wat je niet in uren kunt uitdrukken. Het is gewoon intens genieten.

Via de website rolde ik vanzelf verder de fotografie in, wat eigenlijk al jaren een passie was. Het begon met compactcamera’s. De eerste was een Sony Cybershot met een groot geheugenkaartje, groot in omvang. Er konden maar 32 foto’s op en voordat die waren geschoten waren de batterijen allang weer leeg. Mijn eerste spiegelreflexcamera kocht ik van Evert, ik ruilde mijn tablet ervoor in. Geen seconde spijt van gehad. Vanaf dat moment ging er een wereld voor me open. Niet alleen schrijven, maar ook beelden maken die het verhaal versterken. Soms zeggen beelden immers meer dan woorden ooit kunnen. Ik mag met veel plezier werken met de meest geavanceerde foto apparatuur. Al worden de investeringen op dit moment fors.

Ik weet nog goed dat ik ooit trots Evert belde vanaf de werkvloer. “Er waren gisteren 450 bezoekers op de site.” Dat voelde toen als iets groots. Als een bevestiging dat het ergens naartoe ging. Als ik nu ’s ochtends op de parkeerplaats bij mijn werkgever Storteboom Foodgroup op mijn telefoon kijk, zie ik aantallen van 20.000 tot 30.000 bezoekers per dag. Dat blijft onwerkelijk. En eerlijk is eerlijk: ook na vijftien jaar geeft dat nog steeds een klein geluksmomentje. Misschien wel het eerste cadeautje dat dit werk me elke dag opnieuw geeft. Maar uiteindelijk zijn het niet de cijfers die blijven hangen. Het zijn de mensen, de gebeurtenissen en de verhalen.

In die vijftien jaar mocht ik verslag doen van alles wat de gemeente Nijkerk zo mooi maakt. Van kleine initiatieven tot grote evenementen. Van feest tot verdriet. Je leert schakelen. Je leert kijken. Je leert voelen wanneer je dichtbij moet zijn en wanneer afstand beter is.

Twee evenementen springen er voor mij echt uit. De Trekkertrek in Nijkerkerveen. Klei, motoren, kracht en vooral saamhorigheid. Het is rauw, echt en puur. Daar voel je wat een dorp is. En het carbidschieten aan de Schoolstraat. Misschien nog wel het mooiste voorbeeld van groei. Wat begon met een rijtje van tien carbidbussen, een biertje en een kleine partytent, is uitgegroeid tot een evenement waar jaarlijks duizenden mensen op afkomen. Vanuit het hele land. Ik heb het zien ontstaan. Zien groeien. En altijd die gastvrijheid. Alsof je er gewoon bij hoort. Daar ben ik dankbaar voor.

Maar er waren ook momenten die je niet snel vergeet. Die ene vergeet ik nooit meer. De herdenking op het Van Aalstplein, na het overlijden van een meisje uit Hoevelaken. De stilte, het verdriet, de machteloosheid. Je voelt het meteen als je daar staat. En toch moet je dan je werk doen. Vastleggen. Omdat het verhaal verteld moet worden.

In de loop der jaren groeide ook de samenwerking met De Stad Nijkerk. Verhalen werden gedeeld, artikelen uitgewisseld. In 2016 nam ik een een van de moeilijkste beslissingen door de techniek van de website in andere handen te geven. Todd Reclamemakers, nu bekend als Stal nam het over, en programmeur Peter Mol bouwde de site zoals die er nu staat. Nog altijd geldt: één berichtje en het wordt geregeld. Dat soort mensen om je heen hebben, is onbetaalbaar. Net als de samenwerking met Kees van den Heuvel, inmiddels al zo’n tien jaar. Iemand op wie je kunt bouwen, met wie je kunt sparren en met wie je het werk kunt delen. Want hoe mooi het ook is, je doet het nooit alleen. Zonder Kees was het nooit zo groot geworden.

En toch ontstaan de verhalen vaak in stilte. In mijn appartement heb ik geleerd wat schrijven echt is. Alleen zitten, niet gestoord worden, volledig opgaan in woorden. Het zijn misschien wel de belangrijkste momenten van de week. Mijn wekelijkse column kost nog steeds uren. Schrappen, herschrijven, twijfelen. Maar wat blijft, is het plezier. En misschien nog wel meer: de reacties van mensen die het lezen en zich erin herkennen. Ik woon daar nu met ontzettend veel plezier. In mijn appartement, op voor mij de mooiste plek van Nijkerk, voel ik me een gelukkig mens. Zoals oud-burgemeester Renkema het ooit zo mooi zei in zijn nieuwjaarstoespraak: de skyline van woonwijk Het Spaanse Leger. Een wijk met een verhaal, gebouwd met visie, van wijlen Gerard van den Tweel. En juist daar mogen wonen, dat maakt me oprecht trots.

Dat gevoel van geluk zit vaak in kleine dingen. In een goed verhaal. In een foto die precies het juiste moment vangt. In de wetenschap dat mensen je werk weten te vinden. Dat is misschien wel het eerste cadeau. Maar er is ook een tweede. Ik zou zo graag willen dat mijn ouders nog eens net zo gelukkig door het leven mogen gaan op hun oude dag als ik dat nu doe. Het doet soms pijn om te zien hoe zwaar het pensioen hen valt. Hoe het leven verandert. Dan besef je des te meer hoe mooi het leven eigenlijk is, juist in de momenten die je soms voor lief neemt.

Misschien is dat ook wel de reden dat ik blijf doen wat ik doe. Vastleggen wat er is. Bewaren wat er toe doet. Verhalen vertellen voordat ze vervagen. Een paar maanden geleden meldde zich een partij die de website wilde overnemen. Er volgden gesprekken, mailwisselingen, en uiteindelijk lag er een serieus bod. Een aanzienlijk bedrag. Zo’n moment waarop je even stilstaat en jezelf afvraagt: wat wil ik eigenlijk? Ik heb er lang over nagedacht. Heel lang. Want ergens is het logisch. Na vijftien jaar. Met zulke cijfers. Dan komt zo’n kans. Maar voor mij is het meer dan een website. Het is mijn kindje. Iets waar tijd, energie en emotie in zit. Waar herinneringen in zitten. Waar een stukje van mijzelf in zit. Dus heb ik besloten: het gaat niet gebeuren. Nog niet. Ik ben er nog niet klaar voor om het los te laten.

Vijftien jaar. Miljoenen bezoekers per jaar. Ontelbare verhalen. Duizenden foto’s. En nog steeds voelt het bijzonder. Ik ben het nog lang niet zat. Sterker nog: ik ga voor de 25 jaar. Als de gezondheid het toelaat, blijf ik doen wat ik het liefste doe. Verhalen vertellen. Momenten vastleggen. En elke ochtend, op diezelfde parkeerplaats, even kijken hoeveel mensen er weer hebben meegekeken. Allemaal begonnen met die te veel biertjes. En uitgegroeid tot een verhaal dat nog lang niet af is.

Lieve groeten, Aalt.