De gemeente Nijkerk constateert net als de CDA-fractie in Nijkerk een sterke toename van het Jacobskruiskruid, dat gevaren kan veroorzaken voor met name koeien en paarden. Dat antwoordt het college na vragen van CDA-raadslid Harry Bokkers. De aanleiding van deze toename heeft te maken met de droge zomers van de afgelopen jaren. Hierdoor zijn er meer open plekken ontstaan in bermen, waar een pionierssoort als Jacobskruiskruid gebruik van maakt. Ook kan het zijn dat de soort door veranderd maaibeheer ten gunste van de biodiversiteit, vaker bloeiend wordt waargenomen.
Het Jacobskruiskruid is een inheemse algemene soort die van nature in Nederland thuishoort en zeer waardevol is voor de Nederlandse biodiversiteit. Het in zijn geheel terugdringen van deze soort is dan ook niet wenselijk. Het college is van mening dat dit plaatselijk kan worden opgelost in goed overleg met de agrarische eigenaren van de aangrenzende gemeentelijke percelen. Door bijvoorbeeld bermen te maaien voordat het Jacobskruiskruid begint te bloeien. Het is vooral van belang dat hooiland vrij wordt gehouden van de plant. Exemplaren in een weide waar paarden of rundvee grazen kunnen geen kwaad zolang er voldoende voedsel voor hen beschikbaar is. Het creƫren van een bufferstrook van 50 meter, waar de plant niet voorkomt of in ieder geval niet tot bloeien komt, is al genoeg om ervoor te zorgen dat de plant zich niet naar een nabij bijgelegen weiland zal verspreiden. De door de gemeente Nijkerk voorgestelde aanpak komt overeen met reactie van Minister Schouten

















