Een akkoord over de toekomst van de landbouw is nog ver weg. Dat blijkt uit documenten die in handen zijn van de NOS over het verloop van de onderhandelingen tussen agrarische organisaties en het kabinet. Donderdag 2 maart zijn er vervolggesprekken in Nijkerk. Eind april moet het akkoord er zijn. De partijen praten sinds december over de toekomst van de boeren. Om de natuur te beschermen en te herstellen, wil het kabinet de stikstofneerslag in 2030 in 131 gebieden met 70 procent terugdringen. Ook moeten zo’n 3000 ‘piekbelasters’ een aanbod krijgen in ruil voor het terugbrengen van hun uitstoot. Minister Van der Wal wil in april bekendmaken wie dat zijn en hoe het zal gaan. Tegelijkertijd wil het kabinet dan ook met een plan komen voor boeren die niet stoppen, maar willen verduurzamen, verplaatsen, of het roer omgooien. Daarvoor moet het landbouwakkoord de basis vormen. Als zo’n akkoord er niet is, zal het voor de minister een lastige opgave worden: dan moet het kabinet opnieuw alleen het zuur verkopen zonder het zoet. Uit gespreksverslagen blijkt dat veel partijen aan tafel het toekomstperspectief dat het kabinet biedt, onvoldoende vinden. Zo ziet de melk- en kalversector niets in de door het kabinet meegegeven kaders waarbinnen het akkoord moet komen, zoals bestaande Europese en Nederlandse natuurdoelen.

















