Joop van Ruler, voorzitter van het CDA in de gemeente Nijkerk, is van mening dat er een belangrijke taak ligt bij de gemeente Nijkerk (de overheid en de politiek), om frustraties en wantrouwen te verminderen bij de burgers. Eén van de middelen is dat de gemeente respectvoller met haar burgers moet omgaan, aldus Van Ruler die vorig jaar vertrok als fractievoorzitter namens de Christen-Democraten. Tijdens de nieuwjaarsreceptie op 18 januari zei hij het volgende erover: ,,Het is nog maar kort geleden dat zowel in de Verenigde Staten als in Brazilië de parlementen werden bestormd door woedende burgers. Je vraagt je dan af, kan dat in Nederland ook gebeuren? En dan denk ik dat het antwoord Ja moet zijn. Als we de boel maar lang genoeg opjutten dan kan dat ook hier gebeuren. Onze democratie is kwetsbaar. We zien de polarisatie ook in Nederland toenemen. Sociale media zijn een bron van verwensingen en bedreigingen. Politici worden bedreigd en hebben bescherming nodig. Ik hoorde deze week dat 20 % van de Nederlanders denkt dat alles een complot is, dat ook het politieke bestuur één groot complot is. We kunnen dat allemaal afdoen als gekkigheid, als onzin, maar we kunnen ons ook afvragen: hoe komt dat, waarom denken mensen dat, waarom raakt die samenleving zo op drift en wat kunnen wij daaraan doen?
Ik noem twee begrippen, die voor ons als CDA-ers in het verleden veel betekenden:
· Waarden en normen, in onze huidige samenleving zie ik ze steeds minder terug. Alles mag, alles kan, alles is primair gericht op het individu. Meer ik, minder wij.
· Een zorgzame samenleving, maar is onze samenleving nog wel zo zorgzaam. Of kennen we nu een “zoek het lekker zelf uit” samenleving. Een gevolg van een doorgeschoten liberalisering en privatisering van onze samenleving.
Datzelfde geldt ook voor de overheid die veel problemen niet adequaat weet op te lossen. We kennen allemaal de problemen rondom toeslagenaffaire, de aardgaswinning in Groningen, de asielcrisis, maar we zien het zelfs bij de belastingheffing, de vermogensrendementsheffing, waar de rechter de overheid terugfluit. Dat vertaalt zich ook naar de lokale overheid en de lokale politiek. Een lokale overheid die soms ook moeizaam met zijn inwoners communiceert, waar mensen niet goed te woord worden gestaan, van het kastje naar de muur worden gestuurd, geen antwoord krijgen op hun vragen, of hun probleem niet krijgen opgelost. Als inwoner krijg je overigens weinig mee van de lokale politiek, ik merk dat nu ik uit de raad ben, maar ze zien wel een aantal dingen gebeuren waarbij ze hun hoofd schudden. Dan denk ik aan het nieuwe gemeentehuis: in januari 2019 heeft de CDA-fractie voorgesteld het gebouw van de Rabobank aan te kopen om zo dure nieuwbouw te voorkomen. We zijn nu 4 jaar verder maar er is nog nauwelijks wat gebeurd. Dat leidt allemaal tot frustratie en wantrouwen bij onze burgers.
Hier ligt een belangrijke taak voor de overheid en de politiek, ook lokaal, om die frustratie en dat wantrouwen te verminderen, want helemaal wegnemen zal niet lukken. Dan denk ik onder meer aan het terugdringen van de bureaucratie, het vereenvoudigen of schrappen van wet- en regelgeving. Ga als lokale overheid respectvol met onze burgers om, en zoek naar wat wel kan en niet alleen naar wat niet kan, luister en help ze snel verder. Laat als lokale politiek zien wat je voor de samenleving en voor de mensen doet, zoek ze op, luister naar ze en vertaal dat naar jouw politieke handelen. Help onze inwoners als ze vastlopen in die lokale bureaucratie. Dat hebben wij in het verleden ook gedaan en moeten we vooral blijven doen. Daarmee is nog lang niet alles gezegd om dat wantrouwen in de politiek te verminderen, want dan wordt het een avondvullend programma, maar we moeten daar over nadenken en mee aan de slag.’
Kees van den Heuvel


















