INGEZONDEN: Te zelfstandig voor urgentie, te weinig kans op een woning
Hij overwon tegenslag, schoolde zich om en werkt fulltime. Toch woont hij na ongeveer tien jaar inschrijving nog altijd bij zijn moeder. Hoeveel doorzettingsvermogen is er nodig voor een eigen voordeur in Nijkerkerveen?
We gaan samen op reis. Terug naar 1985. Daar is hij dan! Een prachtig klein ventje. Nauwelijks haar, ontzettend klein en dun. Een soort gevild konijntje, maar dan eentje op wie zijn ouders op slag verliefd zijn.
Zoals ouders dat doen, willen ze hem veilig houden. En natuurlijk dromen ze alvast over zijn toekomst. Wat zal hij later worden? Wat zal hij allemaal meemaken? Je hoopt vooral dat je kind gezond en gelukkig opgroeit.
Maar het leven blijkt zich weinig van die plannen aan te trekken.
Het kleine ventje krijgt diabetes. Een ziekte die naar mijn gevoel veel te vaak wordt onderschat. We kennen het woord allemaal, maar wat het dagelijks betekent en hoeveel het je kan afnemen, blijft vaak buiten beeld. Letterlijk, in zijn geval.
Hij groeit op en krijgt dromen. Zijn grote liefde? Vrachtwagens. Later wil hij achter het stuur van zo’n grote wagen. De wereld in, onderweg zijn, zelfstandig. Een toekomst met flink wat paardenkracht.
Tot zijn lichaam op de rem trapt.
Door de diabetes krijgt hij ernstige problemen met zijn ogen, diabetische retinopathie. Er volgen talloze behandelingen en ingrepen. Uiteindelijk houdt hij nog ongeveer tien procent zicht over.
Weg vrachtwagen. Weg beroepsdroom. Zelfs een gewoon autorijbewijs is er nooit van gekomen. Inmiddels is ook fietsen vrijwel onmogelijk, zelfs lopen is een uitdaging.
Probeer je eens voor te stellen wat dat betekent. Niet even zelf naar een vriend rijden. Niet spontaan ergens naartoe. Voor elke verplaatsing nadenken, alles van te voren plannen of hulp regelen. Terwijl anderen hun wereld steeds groter zien worden, wordt die van hem kleiner.
Er volgt een donkere periode. Geen toekomstdroom meer, en niets is vanzelfsprekend meer. Maar het ventje, inmiddels een volwassen vent, krabbelt overeind. Met een veerkracht waar ik alleen maar bewondering voor kan hebben.
Hij laat zich omscholen naar een passend beroep. Met aanpassingen kan hij werken. En dat doet hij! fulltime. Hij draagt bij, houdt vol en bouwt verder met de mogelijkheden die hij wél heeft.
Ook de weg naar zijn werk was niet vanzelfsprekend. Een tijdlang moest hij met de bus, omdat instanties vonden dat dit prima kon. De taxi was maar een luxe product. Een reis van normaal 20 minuten. En nu? Anderhalf uur heen en anderhalf uur terug met de bus. Drie uur reizen op een werkdag, zorgen dat hij de juiste bus had, en dat met nauwelijks zicht. Omdat hij graag wil werken en mee wil blijven doen. Inmiddels gaat hij na veel gesprekken en keuringen wel met een taxi.
Eind goed, al goed?
Er ontbreekt nog iets. Een eigen huis.
Want dat kleine ventje uit 1985 is inmiddels de veertig gepasseerd en woont nog altijd bij zijn moeder. Zijn hele leven al.
Hij staat ongeveer tien jaar ingeschreven voor een sociale huurwoning. Toch staan er bij woningen waarop hij reageert geregeld vijfhonderd tot duizend mensen vóór hem. Urgentie krijgt hij niet. Een woning evenmin.
Zijn wensen zijn overzichtelijk: een betaalbare huurwoning, gelijkvloers, in Nijkerkerveen. Het dorp waar hij de weg kent en waar zijn sociale netwerk zit. Juist met zo weinig zicht zijn vertrouwde routes en mensen in de buurt van grote waarde.
Dat is geen verlanglijstje met een kookeiland, vrij uitzicht en een garage voor die vrachtwagen van vroeger. Het is de wens om zelfstandig te kunnen wonen op een plek waar hij zich kan redden.
Natuurlijk weet ik dat er woningnood is. Natuurlijk zijn er meer mensen die dringend een huis zoeken. Maar achter iedere positie op een wachtlijst zit een mens. En soms vraag ik me af of we die mens nog wel zien.
We moedigen mensen aan om zelfstandig te zijn, te werken en mee te doen. Hij doet daar iedere dag zijn uiterste best voor. Maar de volgende stap, een eigen thuis, blijft buiten bereik.
En ondertussen tikt de tijd door. Zijn moeder wordt ook ouder. Wat gebeurt er als zij er straks niet meer is? Dan staat hij op straat! Moet er eerst een crisissituatie ontstaan voordat er naar een oplossing wordt gekeken?
Gemeente Nijkerk en woningcorporaties, kijk alsjeblieft mee. Naar zijn beperking, zijn mogelijkheden én de betekenis van zijn vertrouwde omgeving. Welke ruimte is er om iemand als hij daadwerkelijk verder te helpen?
Een woning ergens anders op de kaart is voor hem niet automatisch een passende oplossing. Zijn zelfstandigheid hangt juist samen met de plek die hij kent en de mensen op wie hij kan terugvallen. Verhuizen moet zijn wereld groter maken, niet kleiner.
Nee, ik ben niet zijn moeder, maar ik ken dat kleine ventje al mijn hele leven. Ik heb gezien wat hij heeft moeten opgeven en hoe hij zichzelf steeds opnieuw bij elkaar heeft geraapt.
En het doet pijn dat ik hem niet kan geven waar hij zo naar verlangt, een eigen plek, een beetje zekerheid, een stukje toekomst.
Daarom schrijf ik dit. Omdat ik niet meer weet welke deur we nog kunnen proberen.
Dat kleine, kale konijntje uit 1985 is allang groot geworden.
Nu nog een eigen voordeur.
De schrijver is bekend bij de redactie. Indien u een nuttige tip heeft, graag via een PB van De Veense Courant

















