Elke week twee keer domineespost als flessenpost op deze site, op dinsdag en vrijdag: een feuilleton van de twee Veense dominees Judith Visser en Leendert van der Sluijs. Een vervolgverhaal dat met een briefwisseling begon… Vandaag schrijft ds. Leendert van der Sluijs.

(2) Hoeveel kun je zien als je door een gaatje kijkt? Je zou denken dat is maar ietsjepietsje wat je kan zien, maar als je door het gaatje kijkt kun je een hele wereld zien! Jon moet een beetje lachen om zijn eigen rare gedachten die ergens in zijn hoofd tevoorschijn springen en dan weer wegspringen. Maar o help, met deze gedachte van zo net gaat het niet helemaal zoals verwacht, op de een of andere manier struikelt de gedachte, misschien over eigen voeten of door een even teveel aan armen die aan alles tegelijk willen vasthouden, met handen die houvast zoeken maar dat even niet kunnen vinden. O nee hè, zegt Jon – en Silje draait zich naar hem toe. Wat is er, vraagt ze. Wat ik dacht, zegt Jon, is dat als je door een gaatje kijkt dat je dan niet heel weinig kunt zien, maar al is het gaatje dan klein, wat je kunt zien is toch heel veel.., als je maar door het gaatje kijkt.., als er maar een gaatje is.., als… Ehm, Sil, alsjeblieft, blijf alleen naar mij kijken, blijf mij aankijken.., ik stel je een kleine vraag, en zeg alleen ja of nee.. Heb ik in de deur een kruisje gekerfd? Silje knikt snel, en ze ziet dat de ogen van Jon groter en groter worden. Als je ja zegt, zegt Jon, zal ik kijken, zal ik me omdraaien. Ik ben bang dat de gedachte die ik had keihard op de vloer zal vallen, weet je nog dat we het een keer hadden over struikelende gedachten, gedachten met wie het soms echt niet goed afloopt?! Silje knikt weer, nu heel langzaam.. en ook haar ogen worden groot. Het boek dat ze vasthield, valt uit haar handen. Sil, zeg alleen ja of nee. Silje knikt niet meer, ze laat een toonloos já horen. Jon draait zich langzaam om en staart naar de deur. Het kruisje dat hij kerfde is naar vier kanten toe uitgebarsten. Ook Silje ziet wat Jon ziet. Het is niet alleen uitgebarsten, het groeit snel, het wordt groter en groter, het is alsof iemand van dat kruisje een gaatje wil maken om erdoor heen te kijken, maar in dit geval wordt het geen gaatje dus, met daarachter of daarvoor heel veel om te zien.., er is nu al in plaats van een kruisje een enorm kruis te zien!! Heel de deur staat op splijten! De deur wordt in het midden naar vier kanten opengebroken als grote puzzelstukken!

Wegwezen Sil!, roept Jon. Hij grijpt haar hand die ze voor haar mond heeft geslagen, we moeten hier WEG! Maar Silje kan niet lopen, ze staat helemaal verstijfd van schrik. Alsof het zo’n nare droom is, dat je wilt weglopen maar je kunt niet, je kúnt niet. Jon trekt nu met allebei z’n handen aan haar arm, wil haar meetrekken, maar er valt niks mee te trekken, en Jon verliest zijn evenwicht, doet een paar rare stappen, struikelt en valt tegen de tafel met de chocolademelk. Gelukkig hadden ze het meeste daarvan opgedronken, maar het glas spat op de grond uit elkaar en de warme chocolademelk die nog over was schiet in een baan door de kamer en bereikt de opening van de deur, of eigenlijk: bereikt de opening, want de deur is er niet meer. Ehm Jon.., zegt Silje alsof ze wakker is geschud, zie jij ook niet wat ik niet zie? Nu we hier in dit huis zijn, zegt ze ineens op een heel parmantige toon, bijna deftig, nu we hier binnen zijn, Jon nu we hier BINNEN zijn, verdwijnen de deuren.., zoals wanneer we BUITEN zijn de huizen verdwijnen als we naar de deuren staren.. Dit is helemaal geweldig Jon! Nu we binnen zijn kunnen we ook dit! Binnen staren we naar deuren zoals ik zo net naar die deur daar die er nu niet meer is maar er wel was, staarde.., en de deuren verdwijnen! Dus zoals buiten de huizen, zo verdwijnen binnen de deuren!

Jon ziet nog sterretjes door de lucht schieten, maar schudt vertwijfeld zijn hoofd, hij denkt dat Silje is betoverd of zo!

NEE Sil, roept hij schor van spanning, dit is niet wat je denkt dat het is! Silje glimlacht. Jon ziet wat hij ziet: ze glimlacht. Hij staart haar aan.. Maar dat zou hij niet moeten doen. Dat is in dit huis een beetje heel erg dom.

Bij de opening van de deur komt een rij boeken uit: De deur van de kleerkast van Lewis, Met open deur van Larsen, van Tonke Dragt het nieuwe Wie achter deze deur verdwaalt, naast het oudere Aan de andere kant van de deur, en ook Peter Hoeg, De kinderen van de olifantenhoeders, dat begint met: “Ik heb een deur gevonden die uit de gevangenis voert. Hij komt uit op de vrijheid. Ik schrijf dit om jou de deur te laten zien. Zolang je in een kamer bent, ben je binnen. En zolang je binnen bent, ben je gevangen.”

In de stilte horen Jon en Silje het tikken van een oude typemachine.