Elke week twee keer domineespost als flessenpost op deze site, op dinsdag en vrijdag: een Corona-briefwisseling van de twee Veense dominees Judith Visser en Leendert van der Sluijs. Hun vragen zouden zomaar ook uw/jouw vragen kunnen zijn. Hun antwoorden misschien eye-openers… Vandaag antwoordt ds. Judith Visser.

Ha Leendert, beste collega,

Wow, jij hebt gewoon heuse dominees-dromen, ik weet even niet hoe ik het anders noemen moet. Dromen over dominee-zijn in een grote stad. Het is wel een belangrijk detail hoor, een grote stad. Ik mocht mijn carriere als predikant ooit beginnen in het mooie, maar kleine, Asperen. Het plaatsje kent iets meer dan 3200 inwoners, maar met echte stadsrechten en een prachtige stadswal is het toch echt een stad(je)! Nijkerk heeft bijna 43000 inwoners… maar hoezo word je er op woensdag aan herinnerd dat Nijkerk een stad is? Tja, ik woon natuurlijk niet in de buurt… wist je trouwens dat Barneveld, waar ik woon, iets meer dan 57000 inwoners heeft, maar het is toch echt een dorp. Aantallen zeggen dus helemaal niets.

En dan, dominee zijn in een buitenlandse grote stad, nog zo’n dominees-droom. Ik schaam me, dat ik niet droom over mijn werk, of zou dat toch wel ok zijn? Dansen in Parijs, of in Moskou, ja daar kan ik dan weer wel over dromen, maar preken in Washington of Londen, die dromen laat ik over aan jou, vind je dat goed?

Maar waar je daarna over schrijft, de koninkrijksgemeenschap, en de kerk als bedrijf, dat zijn nog eens onderwerpen om over na te denken. Daar steken onze gezellige, kleine dorpskerkjes toch wel een beetje bij af he? Ik vraag me toch altijd af of je op die manier dorpsgemeente kunt zijn, als een bedrijf. Past dat eigenlijk wel? De projecten die in zulke grote stadsgemeentes opgezet worden in daklozenopvang, zorg voor nette mensen en snobs zijn weliswaar geweldig, maar hoe zou zoiets uitpakken in een dorp? Daar moet dan toch een flinke vertaalslag gemaakt worden. Maar de insteek vind ik geweldig: je bent kerk voor je hele woonplaats, niet alleen voor de mensen die ingeschreven staan in je ledenbestand. En dan geldt dezelfde vraag denk ik, hoe word je als kerk weer van betekenis voor al die verschillende mensen in je omgeving? Hoe kun je iets betekenen voor mensen die geen vragen meer hebben aan God of over God of over zingeving? Waarom zouden mensen in nood eerder bij de kerk om hulp vragen dan bijvoorbeeld bij de huisarts of de GGD? 

Die ene opmerking van jou vind ik wel spannend. Als kerk hoef je je niet verre te houden van geld en goed, je kunt er juist zoveel goeds mee doen. Ja, ik ben het wel met je eens, dat je veel goeds kunt doen met geld. Maar ik voel toch ook wat wantrouwen. Geld wordt in de Bijbel toch een afgod genoemd, een afleider of verleider. En ja, wij hebben Bregman gelezen! In principe deugen de meeste mensen, maar toch, als er geld en goed in het vizier komt, dan komt ook de verleiding in het vizier. En als de kerk zo’n groot bedrijf wordt, met veel mensen, veel goed en veel geld… dan kies ik geloof ik toch liever voor een klein dorpskerkje,  waar we met wat minder mensen, minder goed en minder geld toch iedere keer weer de eindjes aan elkaar kunnen knopen. 

De universele plichten van de mens, naast de universele rechten van de mens, geweldig! Daar zouden we met z’n allen toch eens van opknappen. Hoeveel mensen zouden zich vandaag de dag realiseren dat tegenover elk recht dat je hebt ook een plicht, of een verantwoordelijkheid, staat? 

Dromen zijn mooi! Ze geven ons fantastische gedachten en vergezichten, althans dat kunnen ze. Laten we niet vergeten dat er ook altijd nog nachtmerries zijn, die hebben niets te maken met prachtige edele viervoeters, maar wel alles met het kwade. Maar dat laat ik even liggen voor nu. Ik droom liever verder met Dorothee Sölle, wat een geweldig nuchtere opmerking ‘er is bij ons al eens iemand opgestaan uit de doden!’ Dus dromen en hoop genoeg. Verwacht het onverwachte. 

Leendert, het is bijna Pasen. Ik hoop dat je een goede voorbereidingstijd hebt gehad, waarmee je Pasen met nog grotere vreugde, verwondering, hoop en dromen kunt ontvangen. De Heer is waarlijk opgestaan!

Hartelijke collegiale groet,

Judith