Elke week twee keer domineespost als flessenpost op deze site, op dinsdag en vrijdag: een Corona-briefwisseling van de twee Veense dominees Judith Visser en Leendert van der Sluijs. Hun vragen zouden zomaar ook uw/jouw vragen kunnen zijn. Hun antwoorden misschien eye-openers… Vandaag antwoordt ds. Judith Visser.
Ha Leendert, beste collega!
Bedankt weer voor je mooie brief. Wat is het toch een leuke bezigheid, elkaar brieven schrijven, even te kunnen hartluchten. En fijn dat je mijn relativeren kunt waarderen. En je haalt de grote Chesterton aan, geweldig! Het is lang geleden dat ik iets van hem las, maar het roept mooie herinneringen op.
Ha, je vroeg of ik bij het stemmen nog aan jouw advies heb gedacht. Dat heb ik zeker! Hoe zou ik zo’n bijzonder advies kunnen negeren… Enig probleem was dat jouw advies luidde te stemmen op een partij waar de logica ver te zoeken is, want daar hebben ze een overtuiging, maar… ik vond de logica sowieso ver te zoeken, bij veel partijen. Maar laten we in onze brieven geen politiek bedrijven, daar zijn andere media veel geschikter voor!
O en dan je laatste vraag, als ik ooit beroemd zou worden, waarmee zou ik dan beroemd worden? Had je mij dit vroeger, toen ik nog een kind was, gevraagd dan had ik je geantwoord dat ik een beroemde ballerina zou willen worden, net als Alexandra Radius. Of tegenwoordig moet je dan denken aan Igone de Jongh. Dat zag ik helemaal voor me. Op spitzen en met een prachtige tutu zag ik mijzelf al op de bühne. Ik houd van het theater, de geur, de lichten, de spanning voor een voorstelling en de ontlading na een voorstelling. En het heerlijke dwalen door de artiestengangen, wanneer je op je beurt moet wachten, daar hangt een sfeer… fantastisch. Ik vond het vroeger fantastisch, en ik vind het nog steeds fantastisch. Beroemd zal ik er niet mee worden, maar ik geniet ervan met volle teugen.
Maar waar zou ik vandaag beroemd mee (willen) worden? En… zou ik eigenlijk wel beroemd willen worden? Beroemd zijn zonder herkend te worden, zou dat kunnen? Ik heb eens gelezen over een bekende/beroemde naamgenoot van mij, een schrijfster, Judith Visser, van pittige boeken als ik dat zo mag zeggen. Zij blijft het liefst leven in haar eigen wereldje, afgesloten in haar eigen huis, en is zo in staat haar boeken te schrijven. Voor haar schrijven heeft ze het niet nodig zich onder de mensen te begeven. Om haar boeken te kunnen verkopen is het af en toe wel nodig om haar gezicht te laten zien, maar liever doet zij dat niet. Tja, zo zou ik dat ook wel zien zitten.
Door jouw uitnodiging om brieven te schrijven heb ik opnieuw ontdekt hoe leuk ik het vind om te schrijven. Misschien zou ik daar wel beroemd mee willen worden. Schrijven, gewoon korte stukjes tekst, om mensen tot nadenken te stemmen, om te bemoedigen, maar ook om te prikkelen… zoiets?
Maar het maakt me nogal nieuwsgierig naar jouw dromen. Ze komen niet uit zeg je, dat vind ik dan wel weer heel jammer om te horen. Alhoewel het een mens niet per se goed doet wanneer al zijn/haar dromen uitkomen. Je moet toch eigenlijk altijd nog wel wat te wensen (lees: dromen) hebben. Maar als een droom zo groot en zo prangend is, tja Leendert dan wens ik je van harte toe dat je droom of dromen toch eens uit zullen komen.
En tot die tijd… misschien helpt dit Chinese gezegde: als je geen ster aan de hemel kunt zijn, wees dan een lampje in je huis. Het helpt je om na alle dromerijen weer even met beide benen op de grond te staan, mocht dat nodig zijn.
Leendert, ik wens je veel inspiratie toe nu we bijna bij het Paasfeest zijn en ik kijk weer uit naar je volgende brief!
Hartelijke collegiale groet,
Judith
















