Soms heb je van die weken waarin een gemeente zichzelf bijna samenvat. Alsof alles wat een gemeenschap maakt in een paar dagen voorbij komt: de mensen die blijven, de mensen die loslaten, de verhalen die raken en de gebeurtenissen die schuren. Afgelopen week in Nijkerk was er zo één die je eigenlijk twee keer moet lezen om alles goed te laten landen.
Laten we beginnen bij iets wat wél overzichtelijk is: tachtig jaar. Ad Rebel tikte die mijlpaal aan. En niet in stilte, maar zoals dat hoort bij iemand die zijn leven lang midden in de gemeenschap heeft gestaan. De judoka die generaties opleidde, die zijn kennis doorgaf als docent, die wedstrijden beoordeelde en zelfs landelijk bestuurder was, werd zaterdag terecht in het zonnetje gezet. Vrienden, familie, oud-leerlingen, ze kwamen allemaal. En ja, hij ging nog één keer op de schouders. Dat beeld zegt eigenlijk alles. Sommige mensen worden ouder, maar groeien nooit uit hun betekenis.
Van betekenis zijn. Dat woord bleef deze week hangen. Want terwijl Ad Rebel gevierd werd om wat hij heeft opgebouwd, zagen we ook wat het betekent als het leven een andere wending neemt. Burgemeester Tinet de Jonge en haar man Gert-Jan lieten zich van hun meest kwetsbare kant zien op nationale televisie. Geen formele woorden, geen bestuurlijke afstand, maar een rauw en eerlijk verhaal over een geweldsincident dat hun leven voorgoed veranderde. Niet-aangeboren hersenletsel klinkt klinisch, maar hun verhaal maakte duidelijk wat het écht betekent: een leven dat nooit meer hetzelfde is, een gezin dat zich elke dag opnieuw moet aanpassen. En toch zat daar geen zwaarte alleen. Er zat ook kracht in. Verbinding. Geloof. Het soort veerkracht dat je niet kunt organiseren of plannen, maar dat ontstaat als mensen besluiten om door te gaan. Misschien is dat wel leiderschap in zijn puurste vorm.
Diezelfde mix van ernst en lichtheid zag je een dag later op Boerenmaandag. Zonovergoten, vol traditie, vol leven. En toen… een vlag die halverwege weer naar beneden gleed. Je zag het gebeuren en je wist: dit is typisch Nijkerk. Geen strak geregisseerd plaatje, maar gewoon realiteit. En in plaats van ongemak was er gelach. Het ijs was gebroken voordat de dag goed en wel begonnen was. Want Boerenmaandag is meer dan een evenement. Het is een spiegel. Van waar Nijkerk vandaan komt en waar het nog steeds mee verbonden is. De landbouw, de gemeenschap, de generaties die elkaar ontmoeten. Kinderen die voor het eerst een kalf aaien, ouderen die herinneringen ophalen. Dat is geen folklore, dat is identiteit.
Trots was er ook op het sportveld. De vrouwen van Sparta Nijkerk schreven geschiedenis door kampioen te worden en promotie naar de Hoofdklasse af te dwingen. Wie hun verhaal een beetje gevolgd heeft, weet dat dit geen toeval is. Dit is het resultaat van teleurstelling die is omgezet in motivatie. Van een groep die mentaal groeide en bleef geloven. Het zijn de verhalen die sport zo mooi maken, juist omdat ze zo herkenbaar zijn. En op datzelfde sportpark kreeg Jesse Buitenhuis iets wat maar weinig sporters krijgen: een tastbare plek die zijn naam draagt. Elf seizoenen inzet, clubliefde en doorzettingsvermogen samengebracht in een pannaveld. Het was een verrassing, maar vooral een erkenning. Want sommige spelers vertrekken misschien, maar horen voor altijd bij een club.
Over blijven en vertrekken gesproken: misschien wel het meest veelzeggende verhaal van deze week speelde zich af in Nijkerkerveen. Daar waar Cisca van Drie na vijf intensieve jaren afscheid neemt van Dorpshuis ’t Veense Hart. Haar verhaal was er één van doorzetten in een tijd waarin bijna alles tegenzat. Beginnen midden in corona, zoeken naar oplossingen, omgaan met onzekerheid en toch iets neerzetten wat door velen wordt omschreven als een huiskamer. Maar wat haar verhaal vooral bijzonder maakte, was de eerlijkheid. Over vermoeidheid. Over grenzen. Over het moment dat je onder de douche staat en denkt: is dit nog wel vol te houden? Dat zijn geen makkelijke keuzes, maar wel de belangrijkste.
En precies op dat moment staat daar een nieuwe naam klaar: Mathias van Veen. Een dorpsgenoot, iemand van dichtbij, die het stokje overneemt. Geen overhaaste beslissing, maar een proces dat maandenlang in stilte is voorbereid. Eerst observeren, luisteren, begrijpen wat er ligt. Want een dorpshuis overnemen is geen zakelijke transactie alleen, het is het overnemen van een rol in een gemeenschap. Daar zit misschien wel de kern. Want waar Cisca loslaat, pakt Mathias op. Waar de één afsluit, begint de ander. En dat gebeurt niet in een vacuüm, maar met respect voor wat er is opgebouwd. Dat geeft vertrouwen. Continuïteit. En misschien ook wel een beetje rust.
Maar terwijl er op sommige plekken wordt opgebouwd, zie je op andere plekken juist iets verdwijnen. En misschien is dat wel het meest schrijnende verhaal van dit moment: Nijkerkerveen zonder supermarkt. Het is inmiddels al een paar weken stil rondom de kwestie, maar de impact is allesbehalve stil. Sinds de sluiting van de supermarkt aan de Van Noortstraat moet het dorp het doen zonder eigen winkel. En dat is meer dan alleen even verder fietsen voor je boodschappen. Dat raakt de kern van een dorp. Er ligt een vergunningaanvraag voor een Albert Heijn in het pand van Van den Brandhof aan de Van Dijkhuizenstraat. Een plek met geschiedenis. Ooit gekocht door wijlen Gerard van den Tweel met het idee om het dorp te voorzien van een mooie supermarkt. Het plan ligt er dus al jaren. En toch is de realiteit nu dat er niets is.
De woorden van oud-wethouder Bert de Graaf snijden dan ook hout. “Je maakt een dorpskern onbewoonbaar op deze manier.” Misschien klinkt het hard, maar voor wie verder kijkt dan alleen de economische kant, is het pijnlijk herkenbaar. Want een supermarkt is geen luxe. Het is een basisvoorziening. Een ontmoetingsplek. Een stukje zelfstandigheid, zeker voor ouderen. En juist daar wringt het. Jongere inwoners wijken uit naar de Nettorama in Corlaer. Geen probleem, zolang je een auto hebt. Maar wat als dat niet meer kan? Wat als je afhankelijk wordt van anderen, of van een boodschappenservice? De soos van de Unie van Vrijwilligers zit wekelijks vol met ouderen. Mensen voor wie een simpele boodschap doen ineens een logistieke uitdaging wordt. Formeel is het geen taak van de gemeente. Maar de vraag is of je je daarachter kunt verschuilen als je dit al jaren ziet aankomen. Meedenken, vooruitkijken, schakelen. Het zijn woorden die vaak gebruikt worden in beleid. Dit is zo’n dossier waarin ze betekenis krijgen. Of juist niet.
Niet alles voelde deze week logisch of geruststellend. De annulering van een cabaretvoorstelling omdat het “niet werd aangedurfd” laat zien dat er ook spanning zit in onze samenleving. Wat kan wel, wat kan niet, en wie bepaalt dat? Het zijn vragen die niet alleen in grote steden spelen, maar dus ook gewoon in Nijkerk. En dan was er nog die nacht in Nijkerkerveen. Twee pinken aangevallen door een wolf, één moest worden geëuthanaseerd. Het is zo’n bericht dat je leest en even stil van wordt. Niet alleen vanwege de schade, maar vooral vanwege het gevoel dat erachter zit. Onrust. Onzekerheid. De vraag: hoe dichtbij komt dit nog? Dat gevoel werd voor sommigen alleen maar versterkt door de manier waarop het verhaal daarna zijn weg vond, of juist niet vond, op sociale media. Het leidde tot frustratie, tot het gevoel dat bepaalde onderwerpen lastig bespreekbaar worden. Of dat terecht is of niet, het gevoel is er. En dat is op zichzelf al iets om serieus te nemen.
Tussen al die grotere verhalen door gebeurt er ook van alles wat minder zichtbaar is, maar minstens zo belangrijk. Een nieuwe huisartsenpraktijk die eindelijk een definitieve plek krijgt in Hoevelaken. Geen headline voor velen, maar wel cruciaal voor de toekomst van zorg dichtbij huis. En in het gemeentehuis werd ondertussen gewerkt aan de toekomst op een andere manier. Met de start van een formateur die de lijnen moet uitzetten voor een nieuwe coalitie. Processen die vaak achter gesloten deuren plaatsvinden, maar uiteindelijk wel bepalen hoe besluiten worden genomen en welke kant een gemeente opgaat.
En dan, ergens tussen al die gebeurtenissen door, was er ook nog gewoon dat ene moment van verbinding. De Oranjeborrel. Mensen die in het zonnetje werden gezet voor hun inzet, vaak tegen wil en dank. De bescheidenheid van mensen die het liefst op de achtergrond blijven, maar nu even in het middelpunt staan. Dat zijn misschien wel de puurste momenten van waardering. Maar wat deze editie extra bijzonder maakte, zat ook achter de schermen. Het was weer zo’n lange dag op het gemeentehuis waarop alles samenkomt: spanning, emotie, blijdschap en het vastleggen daarvan. Het was een feestje om alle gedecoreerden in beeld te mogen brengen. Niet alleen vanwege de verhalen, maar ook door de samenwerking. Met collega-media, maar zeker ook met Jabca, de fotografe van de gemeente. Elkaar de ruimte gunnen, even wachten tot iemand zijn moment heeft, samen zoeken naar het beste beeld. Zo hoort het. Geen concurrentie, maar collegialiteit. En ja, het was gewoon gezellig. Dat mag ook gezegd worden. En dan die rol van de burgemeester. Hoe zij de dag draagt, de mensen toespreekt, de sfeer neerzet. Met warmte en oprechte aandacht. Dat maakt zo’n dag af. Het zijn de kleine dingen die het groot maken.
Als je deze week probeert samen te vatten, kom je woorden tekort. Omdat het niet één verhaal is. Het zijn er tientallen. Grote en kleine. Zichtbare en stille. Maar samen vormen ze iets wat herkenbaar is. Een gemeenschap waarin mensen het verschil maken. Waar afscheid en begin naast elkaar bestaan. Waar iets nieuws ontstaat, maar ook iets essentieels kan verdwijnen. Misschien is dat wel wat deze week vooral liet zien: Nijkerk leeft. In al zijn facetten. Mooi, rauw, soms ongemakkelijk maar altijd echt. En juist daarom blijft het de moeite waard om ernaar te kijken, erover te schrijven en het vast te leggen. Iedere week opnieuw. Tot de volgende… En een hele mooie koningsdag gewenst.
Aalt.














