Sommige weken hoef je als columnist alleen maar goed om je heen te kijken. De onderwerpen dienen zich vanzelf aan. Een regenboogpad wordt beklad, de gemeenteraad discussieert over vuurwerk, een haag weigert maar uit de politiek te verdwijnen, de wolf schuift figuurlijk aan tafel en in Hoevelaken wordt uitgebreid besproken welke kant we eigenlijk op mogen rijden. Maar mijn mooiste verhaal van deze week vond ik zaterdag in Holkerveen.

Daar vierde Stichting Truckers Nijkerkerveen haar 25-jarig bestaan. Op het terrein van TB Grond- en Sloopwerk stonden geen ingewikkelde beleidsnota’s, amendementen of moties centraal. Daar ging het over vrachtwagens, Assen, sterke verhalen en vooral over elkaar. Namen als Timo Kroon, Johan van den Brink en wijlen Jan van Leijenhorst kwamen voorbij. Mannen die ooit aan iets begonnen waarvan ze waarschijnlijk niet konden vermoeden dat er 25 jaar later een club van zo’n zeventig mensen zou staan, van twee tot zeventig jaar oud. En misschien is dát wel het mooiste. We hebben tegenwoordig overal beleid voor. Sociale cohesie moet worden bevorderd, participatie gestimuleerd en verbinding versterkt. Daar schrijven we vervolgens nota’s over die vermoedelijk dikker zijn dan het instructieboekje van een Scania. In Nijkerkerveen doen ze het eenvoudiger. Je zet een stel vrachtwagens bij elkaar, rijdt ieder jaar gezamenlijk naar het Truckstar Festival in Assen, zorgt dat iedereen zich welkom voelt en voor je het weet ben je 25 jaar verder.

„Als je dat eenmaal meegemaakt hebt, dan ga je altijd mee”, werd zaterdag gezegd. Ik geloof het onmiddellijk. Voorzitter Bert van den Brink bewaakt die sfeer inmiddels zo’n zeventien of achttien jaar. Nieuwe mensen worden niet zomaar aan de colonne toegevoegd. Het moet passen. Want een stichting kan groeien, maar gezelligheid laat zich niet opschalen met een beleidsplan.

Die verbondenheid zag ik deze zaterdag trouwens op meer plekken. Bij Amaris Arkemheen en de Beatrixflat veranderde een gewone parkeerplaats tijdens Burendag in een ontmoetingsplek met lange tafels, eten en lokale kraampjes. Mensen die misschien dagelijks op enkele tientallen meters van elkaar wonen, schoven nu daadwerkelijk bij elkaar aan. Soms is een brownie van Prins Heerlijk kennelijk effectiever voor de sociale cohesie dan twintig pagina’s gemeentebeleid. Ook de rietdekkers hadden reden voor een feestje. Hun vakfederatie bestaat honderd jaar en vierde dat in Nijkerk met honderden vakmensen én een nieuw trainingscentrum. Honderd jaar oud en ondertussen gewoon investeren in jongeren en de toekomst. Daar kunnen sommige organisaties die na vijf jaar al een strategische heroriëntatie nodig hebben nog iets van leren. Intussen bleef de rest van Nijkerk gewoon Nijkerk. Erna van Nieuwenhuizen werd 67 en nam na tientallen jaren afscheid van het familiebedrijf aan de Talmastraat. Gert Renes van Bokkers & Renes tikte de zestig aan en blijkt gelukkig nog altijd zonder nieuwe accu of software-update te functioneren. Bij Kindercampus Blokhuus werd een nieuw schoolgebouw niet met een bescheiden lintje, maar met een trommelspektakel geopend. En bij het stoomgemaal werden juist stenen weggebikt om iets moois voor volgende generaties te behouden.

Natuurlijk was er ook politiek. De haag bij Huize Hoevelaken is inmiddels hard op weg de beroemdste struik van Gelderland te worden. De Lokale Partij wilde snoeien, de rest wilde eerst praten en onderzoeken. Tegen de tijd dat iedereen eruit is, bestaat die haag misschien zelf 25 jaar. Over vuurwerk kwam de raad er evenmin uit. In Hoevelaken blijft het verkeer gelukkig twee kanten op rijden en bij mogelijke fietstunnels richting Amersfoort moet sociale veiligheid een harde voorwaarde worden. Ondertussen presenteerde het college een begroting waarin we blijven investeren terwijl het geld onder druk staat. Een kunst die menig huishouden bekend zal voorkomen. En dan was er natuurlijk nog de wolf. Tijdens een bijeenkomst van de Wolvencommissie werd opnieuw duidelijk dat de werkelijkheid ingewikkelder is dan de theorie. Wie tientallen schapen verliest, kijkt anders naar een wolf dan iemand die hem uitsluitend vanaf een beeldscherm bewondert. Dat een getroffen schapenhouder het dier desondanks „schitterend” noemde, vond ik misschien wel de meest veelzeggende uitspraak van de avond.

Zelfs het regenboogpad bleef deze week niet buiten het nieuws. Opnieuw teksten, opnieuw politieonderzoek. Het wordt onderhand tijd dat we gekleurde stenen gewoon weer gekleurde stenen laten zijn en onze meningsverschillen met woorden uitvechten. Na zo’n week bleef mijn hoofd daarom toch hangen in Nijkerkerveen. Bij die truckers. Want misschien zoeken we het soms allemaal veel te ingewikkeld. Verbinding, saamhorigheid, naar elkaar omkijken: er worden vergaderingen over gehouden, onderzoeken naar gedaan en subsidiepotten voor bedacht. In Nijkerkerveen hebben ze er al 25 jaar een andere methode voor. Motor starten, zorgen dat niemand achterblijft en samen dezelfde kant op rijden. Tot Volgende week.

Aalt.