Vanaf 1 januari 2027 vervalt de landelijke overgangsregeling voor Euro 5-dieselbusjes in tientallen Nederlandse binnensteden. Uit een nieuwe data-analyse blijkt dat ruim 19% van de bestelbussen in de gemeente Nijkerk volgend jaar de milieuzones gegarandeerd niet meer in mag. Nog eens 10% valt in de risicogroep. Dit meldt leaseplatform Regeljelease.nl op basis van CBS-cijfers. De gemiddelde leeftijd van bedrijfsbusjes in Nijkerk is sinds 2018 gestegen naar 6,8 jaar. Dit is lager dan het gemiddelde in de rest van de provincie Gelderland (8,1 jaar) en ook lager dan het landelijk gemiddelde (7,9 jaar). Omdat de invoering van zero-emissiezones gekoppeld is aan de emissieklasse (en indirect aan de leeftijd) van het voertuig, betekent dit concreet dat 19% van het lokale wagenpark te oud is. Deze bussen komen vanaf 2027 de steden met een aangescherpte zone definitief niet meer in. Daarnaast stamt 10% van de bussen in de gemeente uit de zogenoemde overgangsjaren (2012-2015), waarvan het overgrote deel volgend jaar eveneens geweerd zal worden.
Harde grens voor ondernemers
Ondernemers gaan dit binnenkort direct merken in de praktijk. In Amersfoort, Amsterdam, Arnhem, Assen, Delft, Den Bosch, Den Haag, Eindhoven, Enschede, Gouda, Groningen, Haarlem, Leiden, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Tilburg, Utrecht en Zwolle zijn de zero-emissiezones inmiddels al actief. Vanaf 2027 starten de aangescherpte regels ook direct in Alphen aan den Rijn en Venlo, gevolgd door onder meer Almere en Deventer in 2028.
Vlucht naar elektrisch, maar niet voor iedereen haalbaar
Sem Smeenk, oprichter van Regeljelease.nl, ziet de bezorgdheid onder ondernemers toenemen. Naast de naderende milieuzones drijft ook de portemonnee ondernemers richting een elektrische overstap. Eerder dit jaar bleek uit onderzoek van het leaseplatform dat de interesse in elektrische bussen fors is gegroeid, mede door de destijds sterk gestegen dieselprijzen als gevolg van onrust in het Midden-Oosten. Ook de zogeheten ‘pseudo-eindheffing’, die vanaf 1 januari 2027 geldt, speelt volgens Smeenk een grote rol. “Ondernemers moeten dan jaarlijks 12 procent belasting betalen over de cataloguswaarde van voertuigen op fossiele brandstof die de werkgever beschikbaar stelt aan hun werknemers. Dat is 5.400 euro per jaar voor een auto van 45.000 euro”, legt Smeenk uit. “Hoewel auto’s op fossiele brandstof door de huidige regels technisch gezien nog ‘goedkoop’ zijn, sorteren bedrijven nu al voor op deze nieuwe realiteit.”
Toch is een elektrische bedrijfswagen niet voor iedere ondernemer een realistische optie. “De markt wordt volwassener. Modellen zoals de Volkswagen ID. Buzz en de Ford E-Transit Custom laten zien dat elektrisch rijden en praktisch gemak steeds vaker samengaan”, stelt Smeenk. “Maar voor de zwaarste klussen zullen nog altijd bussen op diesel worden ingezet door de onmisbare voordelen in actieradius, laadvermogen en trekkracht. Sterker nog: met zwaar materiaal of gereedschap is diesel eigenlijk voor veel ondernemers nog de enige serieuze optie. Het is zuur dat een grote groep hardwerkende ondernemers hierdoor de steden niet meer in komt.”

















