Voor velen is de brandweer een baan, een vrijwilligersfunctie of een beroep. Voor Bart van Veldhuisen uit Nijkerk is het iets anders: een virus. Een besmetting die in 2000 begon met een spontane beslissing en hem nooit meer losliet.
Bart was destijds hovenier en kreeg van zijn vrouw Hennie het advies om een hobby te zoeken. Een toevallige ontmoeting met brandweerman Wim Wassink leidde tot een uitnodiging om eens een avond op de kazerne te komen kijken. De sfeer die avond was zó sterk dat Bart direct voelde dat hij erbij hoorde. Al vóór zijn officiële indiensttreding werd hij meegenomen naar een veiling op de kazerne en nodigde hij zijn collega’s uit voor zijn bruiloft. Tot zijn verbazing kwamen ze met brandweerwagens en sirenes. “Vanaf die eerste avond voelde het als familie,” vertelt Bart.
De besmetting met het brandweervirus werd alleen maar sterker toen hij op 24 juni 2001, nog vóór zijn officiële startdatum, betrokken was bij de grote brand in het belastingkantoor in Nijkerk. Hoewel hij officieel niet mee mocht uitrukken, hielp hij ter plaatse met logistieke taken. Het was een moment waarop hij besefte dat dit vak hem niet alleen aansprak, maar ook vastgreep. Bart bleek niet alleen gedreven, maar ook leergierig en ambitieus. Binnen vijf jaar had hij zijn diploma’s voor manschap en chauffeur op zak en werd hij in 2006 al bevelvoerder. “Rang was nooit mijn doel,” zegt hij. “Plezier in het werk en het helpen van mensen staan voor mij altijd voorop.” Na zijn verhuizing naar de boerderij aan de Bunschoterweg maakte hij zelfs een stap terug van bevelvoerder naar manschap, omdat hij het belangrijker vond dat het werk goed voelde dan welke titel hij droeg.
De donkere kant van het virus
Het brandweervirus brengt niet alleen trots en voldoening, maar ook momenten die je nooit vergeet. De meest heftige ervaring voor Bart was een fatale woningbrand in 2004, waarbij een moeder en haar kind omkwamen. Bart reanimeerde het vijfjarige jongetje, dat dezelfde naam had als zijn eigen zoon, en zag hem in zijn handen overlijden. “Dat vergeet je nooit,” zegt hij. Goede nazorg hielp hem om dit te verwerken, maar de herinnering blijft.
Ook de eerste uitruk als chauffeur blijft hem bij. Op 1 januari 2005, om één minuut na middernacht, reed hij naar een grote kantoorbrand bij Albert Heijn aan de Frieswijkstraat. “Het was een hectische nacht, met branden door de hele regio,” herinnert hij zich.
Van hovenier naar rampenbestrijder
In 2006 maakte Bart een belangrijke carrièreswitch. Hij solliciteerde bij de brandweer in Gelderland (VGGM) voor een kantoorfunctie gericht op rampenbestrijding. In 2008 stopte hij volledig met zijn hoveniersbedrijf en specialiseerde hij zich in planvorming, grootschalige oefeningen en het doceren van nieuwe collega’s.
Zijn loopbaan nam in 2021 een nieuwe vlucht toen hij als adviseur aan de slag ging bij Brandweer Amsterdam-Amstelland. Met zijn nuchtere mentaliteit – “ik wilde wel op klompen blijven lopen en mijn auto dichtbij kunnen parkeren” – groeide hij snel door: in 2022 werd hij coördinator, in 2023 waarnemend manager en in juni 2024 manager van de afdeling Operationele Voorbereiding met meer dan dertig medewerkers.
Een principieel afscheid in Nijkerk
Toch bleef Nijkerk altijd in zijn hart. De regionalisering in 2014, waarbij de gemeentelijke brandweer Nijkerk overging naar Brandweer Gelderland-Midden, was voor Bart een keerpunt. De lokale autonomie verdween, de bezetting liep terug en de werksfeer verslechterde. Als ploegcommandant voelde hij zich na een conflict niet gesteund door de regioleiding. Het gevoel van “genaaid zijn” botste met zijn kernwaarden. Samen met twee collega-commandanten besloot hij in december 2024 te stoppen als vrijwilliger. Na aanhoudende conflicten diende hij op 23 oktober 2025 zijn ontslag in. Een pijnlijke, maar principiële keuze.
Het virus blijft actief
Ondanks de moeilijke ervaringen blijft Bart zich inzetten. Naast zijn managementfunctie in Amsterdam rukt hij nog steeds uit als pelotonscommandant logistiek bij grootschalige incidenten. “Het is kicken,” zegt hij. “De dynamiek, de contacten, het samen werken aan iets groots… dat geeft me energie.”
Bart haalt vooral voldoening uit het helpen van mensen in nood. De dankbaarheid van slachtoffers en hun families geeft hem een “kick”. Tegelijkertijd maakt hij zich zorgen over de toenemende agressie tegen hulpverleners. “Agressie is niet nieuw, maar het escaleert,” zegt hij. Vooral illegaal zwaar vuurwerk en het gebrek aan normen en waarden ziet hij als verontrustend.
Toekomst: rustiger, maar nog altijd betrokken
Voor de toekomst heeft Bart een droom: rond zijn zestigste wil hij minder gaan werken en een campercamping starten bij zijn boerderij in Nijkerk. Daarnaast blijft hij actief als voorzitter van Stichting Boerenmaandag. Maar het brandweervirus? Dat blijft. “De brandweer is het mooiste wat er is,” zegt Bart. “Het is een roeping, een passie. Een virus waar je nooit van geneest.”
Interview en foto: Aalt Guliker.














